RIJSSEN – Zo, de eerste seizoenshelft zit er op. In de allerlaatste week van 2005 kunnen we concluderen dat Excelsior’31 een prima jaar achter de rug heeft. Nietwaar, voorzitter Lamber Voortman? ‘Absoluut. We hebben dit jaar een aantal ‘meevallers’ gehad, mede waarom we er momenteel prima ‘op’ staan.
De oefenwedstrijd tegen FC Twente, ten bate van de slachtoffers van de tsunami, was een groot succes, en niet te vergeten het behalen van het kampioenschap van het 1e, maar ook de wedstrijden in de race om de landstitel waren een uitstekend uithangbord, voor de club. Jammer dat de allerlaatste wedstrijd tegen IJsselmeervogels er in feite niet meer toe deed. Dat had in feite dé kraker moeten worden. Maar ja, je moet ook wat te wensen houden, voor de toekomst’, grijnst Voortman.
Het nieuwe seizoen hadden we een wat stroevere start, met het 1e. Als kampioen wordt er natuurlijk wat meer op je gelet, en rekening met je gehouden. We hebben een korte periode gezocht naar de juiste stamformatie, en toen die er eenmaal stond, kwamen de resultaten vanzelf. Doelstelling voor het huidige seizoen was dan ook een Gatoradecup plaats af te dwingen. Vrij vertaald: eindigen bij de eerste zes, op de ranglijst. En stiekem, vanuit onze ooghoeken, proberen een rol van betekenis te spelen om ‘de prijzen’.
Kortom, we zitten prima op koers! Met één wedstrijd minder gespeeld staan we op een vierde stek, daar zijn we dik tevreden over.
Voor het nieuwe seizoen hebben we gemeend een nieuwe trainer aan te moeten stellen, iemand die over een zekere naam en faam in het (amateur)voetbal diende te beschikken. Iemand die ook de doorstroming van onze eigen jeugd zou moeten waarborgen.
Dat was voor ons een doorslaggevend item, moet ik bekennen. Door zijn uitstekende status als hoofdtrainer, én in het verleden als jeugdopleider bij FC Twente, waren wij (al in een eerder stadium) bijzonder gecharmeerd van Geerdink Johannink. We zijn dan ook uiterst content met zijn komst, naar De Koerbelt. Ik denk dat hij zo’n trainer is die spelers béter kan maken, dat was voor ons cruciaal..’
Ook ons reserveteam doet het fantastisch! Koploper in de hoofdklasse bij de reserveteams, met een dergelijk jeugdig en talentvol team, dat is een groot compliment aan trainer Robert Steenbeeke en zijn jongens. Geweldig! Maar ook ons 3e team voldoet met trainer Henk Schellevis meer dan prima…
Dan heb ik het nog niet eens over ons A1, dat onder leiding van de toenmalige trainer Roeland ten Berge promoveerde naar de 2e Divisie, en daar momenteel razend knap ‘gewoon’ in de middenmoot geposteerd staat. Handhaven was en is nog steeds het motto, maar misschien zit er zelfs nog wel meer in. Wie weet? Het mag dan ook duidelijk zijn dat we met Remco Hammink een uitmuntende jeugdtrainer in huis hebben gehaald, een groot compliment aan Richard Timmerman, Jan Busscher en zijn jeugdcommissie.
Wat ik nog wel kwijt wil is dat we meer en meer het belang inzien van het halen en (behouden) van de best mogelijke trainers, voor onze jeugdopleiding. Neem ik de trainer van D1 als voorbeeld, Menno Hof. Hij is afkomstig van CSV Apeldoorn B1, komt bij ons de D1 trainen en blijkt al snel een gouden greep. Hij doet het dan ook meer dan fantastisch, met zijn jongens. Natuurlijk kan een dergelijke trainer de ambitie hebben om op den duur een hogere leeftijdscategorie te gaan trainen.
Wij als bestuur erkennen echter het belang van de bakermat van onze jeugdopleiding, de D-jeugd. Als het dáár niet goed zit, krijg je de gehele, opvolgende leeftijdscategorieën de rekening gepresenteerd. Daarom zal er altijd de best mogelijke trainer op de D-groep moeten ‘zitten’. Dié leeftijdscategorie is immers cruciaal, voor onze vereniging. Kijk maar naar de huidige jeugdspelers, binnen de selectie van ons 1e. Die komen allemaal uit één en dezelfde D-lichting, waar destijds bewust voor gekozen is. Een keuze die aanvankelijk de nodige weerstand op riep, maar niet veel later waren de o’s en a’s niet van de lucht, en was er niets dan lof voor die lichting. Ik bedoel maar…’
Verkiezing tot sportploeg van het jaar
‘Dat wij als Excelsior’31 kandidaat zijn als sportploeg van het jaar, bij RTV Oost, is iets om bijzonder trots op te zijn. Onze kansen? Die zijn zeker aanwezig, maar ik schat de kansen van Landstede (basketbal) en Heracles Almelo nét even wat hoger in. Ik heb trouwens niet zo’n hoge pet op van dat stemmen op internet. Sterker nog, ik zou niet eens weten hoe ik zou móeten stemmen, op de site van RTV Oost.’
(noot van de redactie: wie een stem uitbrengt, dient tevens een kort ‘argumentatie’ formulier in te vullen. Ben je bijvoorbeeld niet in het bezit van een ‘vaste’ telefoon, en laat je daarom die rubriek leeg, dan word je stem niet geaccepteerd. En krijg je vervolgens een melding ‘u bent vergeten een veld in te vullen’, maar kom je daarná niet weer terug in je eerder ingevulde gegevens! Vreemd, op zijn zachtst gezegd…)
De toekomst
Wat 2006 Excelsior’31 zal brengen, is natuurlijk koffiedik kijken. Voorzitter Voortman: ‘Ik wens iedereen veel gezondheid en voorspoed in het nieuwe jaar, en de rest komt dan vanzelf wel. Vanzelfsprekend hopen wij als dagelijks bestuur van Excelsior’31 dat wij opnieuw een zekere rol van betekenis zullen spelen, maar we moeten ook deze editie absoluut niets!
Er is dan ook helemaal geen druk, van welke kant dan ook. Het is gewoon fantastisch wekelijks voor een dergelijke entourage te voetballen, als bij ons wekelijks het geval is, dat mag duidelijk zijn. Dat kan onze spelers naar grotere daden stimuleren. Die ambiance in Wierden bijvoorbeeld, was fenomenaal,. Dat heeft iedereen met eigen ogen kunnen aanschouwen. Maar ook de uitwedstrijden naar minder aansprekende tegenstanders zijn uiterst sfeervol, van onze kant. In een woord geweldig om mee te maken. Ik ben trots op onze supportersschare, die is absoluut TOP..’
Topklasse
‘De door KNVB voorzitter Henk Kessler verzonnen Topklasse, tussen de 1e Divisie en de hoofdklasses zien wij absoluut niet zitten. Het is weer een verzinsel uit de hoge hoed van het armlastige betaalde voetbal. Laat men daar nu gewoon eens gaan saneren, dat lijkt ons veel beter. Maar nee, nu leven een groot aantal 1e Divisieclubs in zwaar weer, en wie mag dat probleem uit de wereld helpen?
De clubs in de Hoofdklasse, waar het prettig vertoeven is. En dan heb ik het nog niet eens over de collectieve degradatie van álle hoofdklassers, wanneer er een zgn. Topklasse zou komen. Immers, dan is de Hoofdklasse niet langer het allerhoogste, bij de amateurs. In één klap zijn alle hoofdklassers dan één lichting gedegradeerd.. Dáár zit niémand op te wachten, neem dat nu maar van mij aan. Laat men in het betaalde voetbal z’n eigen boontjes doppen! Waar zijn ze nu helemaal mee bezig..?’
Gesuggereerde ‘fusie’ met Sportclub Rijssen
In een regionaal dagblad werd onlangs gesuggereerd dat Excelsior’31 in een verder gevorderd stadium zou zijn van samenwerking met Sportclub Rijssen. Binnen de gelederen van Excelsior’31 ontstond daar nogal wat beroering over. De kern van de zaak ligt ver van de door de TC Tubantia gesuggereerde zogenaamde fusie. Excelsior’31 voorzitter
Lamber Voortman: ‘Laat iedereen duidelijk zijn dat wij uiterst prettig samenwerken met Sportclub Rijssen, zoals wij dat ook doen met RKSV. Wij mogen dankbaar gebruik maken van de kleedaccommodatie en velden van die clubs, omdat wij nu eenmaal totaal uit ons jasje gegroeid zijn. Zo simpel is het. Nu kreeg Sportclub Rijssen in Jan Willems onlangs een nieuwe voorzitter, het leek ons daarom een goed gebruik om het actuele bestuur van onze buren eens uit te nodigen voor een vrijblijvend kennismakingsbezoek. Niet meer en niet minder.
Wat schetst echter mijn verbazing als ik diezelfde week nog in het dagblad lees dat wij zouden gaan praten over iets wat op een fusie zou lijken! Klinkklare onzin, kan ik je vertellen. Daar zit niemand bij Excelsior’31 en net zo min bij Sportclub Rijssen op te wachten. Beide clubs hebben een eigen clubcultuur, en dat moet vooral zo blijven.
Kijk, beide clubs hebben bepaalde zorgen en/of problemen, die we misschien samen uit de wereld kunnen helpen. Dat moet je nooit nalaten, als naaste buur. Maar dat is dan ook alles, meer is er absoluut niet aan de hand. Het lijkt dan ook meer op een storm in een glas water, als je het mij vraagt…’ (StM)