Er is misschien wel compassie, omdat de nederlagen van het Twentse ‘groentje’ tot stand kwamen door arbitrale bemoeienis. Twee maal in Spakenburg, één keer in de Rijnmond waar vlaggenist De Boer als enige een doelpunt zag na een redding van doelman Vincente Fernandez Hesselink.
Met de blik op oneindig, sommigen languit in het gras - letterlijk verslagen - werd het doemscenario verwerkt. Vanwege zijn eenzame positie werd Fernandez Hesselink het meest pijnlijk getroffen. Met een mengeling van woede en onbegrip: ‘We geven deze lui voetballes; nog nooit zullen ze zo achter een tegenstander hebben aangelopen als vandaag tegen ons. En dan word je door zo’n grensrechter benadeeld. Die bal is nooit over de doellijn geweest.’
De ineenstorting van zijn team deed de geblokte doelman met veel balgevoel en een solide trap minstens zoveel pijn. ‘We hebben hier de eerste kans afgedwongen op een overwinning en dan geef je het zo weg. Alsof het gewoon niet mag.’
Bij ASWH telde men z’n zegeningen. ‘Je wint’, aldus coach Jack van den Berg, ooit spelend in de Feyenoord-jeugd, professional en bewonderaar van het fenomeen Excelsior. ‘Maar door een belangrijk doelpunt waarvan we nooit zullen weten of het wel een echte treffer was.’
Scheidsrechter Schuring verklaarde na afloop ‘dat er geen moment twijfel was over de geldigheid van het doelpunt.’ Een verklaring die eerder getuigt van onderlinge solidariteit bij het neutrale driemanschap, dan op feitelijke waarneming. De Boer stond te ver van de achterlijn om perfect beeld te hebben, Schuring bevond zich tussen Excelsior-doel en middenstip en moest dus blind op zijn assistent vertrouwen.
De ineenstorting van het opgeveerde Excelsior, dat voor dit duel vier spelers had moeten ‘inleveren’ (de verdedigers Martijn Beltman, Nick Hoekstra en de aanvallers Hubert Dijk en Bert Montizaan) volgde als een wetmatigheid. De mentaal aangeslagen formatie werd getroffen door de valbijl van ASWH dat ineens weer de effectieve ploeg was die met een 3-0 zege tegen IJsselmeervogels aan dit toetje van de competitie was begonnen. Een fout van Jarno Beltman vormde de inleiding van de 2-2, door Marphe Redjosetiko overigens stijlvol ingetikt. Arjan Human maakte de gekte compleet door steenhard uit te halen, na een weggebokste vuurpijl van Ferry van Lare die vanaf de rand van het strafschopgebied ongehinderd mocht vuren.
Voor Excelsior zal deze nacompetitie daarom vooral in de herinnering blijven als die van de crazy vijf minuten; van 2-0 voor naar 3-2 achter. Voor coach Henri Golstein was het even onwerkelijk. ‘Verliezen terwijl je 85 minuten de wedstrijd dicteert. Nooit meegemaakt, mag nooit gebeuren’, was zijn oordeel. ‘Ik hoop dat hier van wordt geleerd.’ Een verwijzing naar volgend seizoen, wanneer Excelsior het nu betaalde leergeld moet omzetten in beter omgaan met tegenslagen. Daarbij schiet Heraclied Erwin Leurink te hulp. De dertiger moet met zijn ervaring in de eerste divisie in staat zijn om in de achterste linie onder maximale druk het goede voorbeeld te geven.
Erwin Looms had in de slotfase ASWH nog het loon van de angst kunnen geven en zijn ploeg voor voortijdige uitschakeling kunnen behoeden. De boomlange spits miste zijn enige echte kans, hij schoot over, in plaats van raak voor 3-3. Looms staat in deze nacompetitie nog droog en zijn belofte dat hij zijn handtekening nog zet, moet dus in de laatste wedstrijd, zaterdag thuis in de return tegen IJsselmeervogels, worden ingelost. Als ASWH morgen in Spakenburg voor de tweede keer IJsselmeervogels wegzet, is de ploeg kampioen en kan Excelsior na een week rust nog afsluiten met een revanche op de ‘rooien’. Maar de accu lijkt uitgeput. De selectie zal dus ergens anders kracht uit moeten putten. Wellicht is dat de mengeling van hoop en vertrouwen bij de achterban op een prestatie die in de buurt komt van eerherstel. De fans waren in Hendrik Ido Ambacht weer massaal aanwezig. Zij verdienen nog een afscheid in stijl.